Met “schone” kleren bedoelen we maatschappelijk verantwoord geproduceerde kleding (“MVO kleding”). Regelmatig is de kledingindustrie in het nieuws: slechte arbeidsomstandigheden, lange werkweken, zeer lage lonen, geen vakbondsvrijheid, vragen over de milieuvriendelijkheid. Hoe zit het met de kleding die wij kunnen kopen? Wat kunnen we er in Teylingen zelf aan doen? Dergelijke vragen stelt het platform Teylingen Millenniumgemeente momenteel in deze maandelijkse column aan de orde. Voor de delen 1 t/m 6 zie hieronder.

Kledingnaaisters in beeld

Vrouwen runnen de kledingindustrie. Zij shoppen de meeste kleding, werken in modezaken, staan op de covers van modebladen, en… zitten in Aziatische kledingfabrieken achter de naaimachine. Deze vrouwen aan de andere kant van de wereld zien van hun harde werk maar weinig terug. Hieronder verhalen van drie naaisters. De foto’s zijn van ©Marieke van der Velden / Hollandse Hoogte.

Mim Salma Aktar (23), Dhaka, Bangladesh

“Als ik kon kiezen zou ik graag iemand zijn die andere mensen helpt, een dokter bijvoorbeeld”, vertelt Salma. Sinds een jaar of vijf werkt ze in een kledingfabriek. “Ik zou liever iets anders doen, iets waarbij ik daglicht zie”. Ze kan ook andere klusjes doen, maar nu naait ze ritsen aan kleding. “Ik doe er ongeveer 400 per dag”. Haar basissalaris is 46 euro per maand. Met overuren haalt ze weleens 66 euro. “Maar als de druk hoog is en er moet een levering af werk ik soms wel 10 of 11 uur op een dag”. Ze vindt de kleding die ze maakt erg mooi. “Ja natuurlijk, Ik zou de kleren die ik maak wel willen dragen” lacht ze “maar dat zou ik nooit kunnen betalen!”

Thy Phalla (25) Phnom Penh, Cambodja

Tien jaar geleden kwam Thy in de stad Phnom Penh om te gaan werken. Ze deelt een kamer met een kennis en betaalt daarvoor 23 dollar per maand. “Toen ik aan mijn eerste baan in een kledingfabriek begon kon ik nog niets. Hoewel ik graag achter de naaimachine wilde mocht dat niet. Ik had de vaardigheden niet”. Ze deed niet wat ze wilde en kreeg slecht betaald. “Ik kreeg stukloon: per stuk 50 dollarcent. Maar een stuk waren 100 onderbroeken! Per dag kon ik er 200 afwerken”.

Kat Mea (30) Phnom Penh, Cambodja,

Kat Mea staart recht in de camera, haar blik strak en sterk. “Iedereen ziet dat sterke gezicht. En dat klopt wel met hoe ik ben, want ik ben niet snel bang te krijgen”. Ze komt dan ook op voor vrouwen die alles verliezen, hun baan, hun inkomen en hun zekerheid. “Mijn sterke persoonlijkheid kan ik dan inzetten om met het management te onderhandelen, zodat ze zien dat we samen voor elkaar opkomen.”

Wat kunt u doen?

Eigenlijk is dat heel simpel: in de winkel vragen naar “schone” kleren; naar maatschappelijk verantwoord geproduceerde kleding. Zie ook website www.schonekleren.nl en eerdere delen van deze serie.